KARNAK TEMPELS

ZONE OOST

Het tempelcomplex van Karnak is een verzameling van tempels die als puzzels in elkaar passen en  die de vorm bezitten van een heuse stad. Eén enkel bezoek volstaat niet om alles in detail te kunnen bewonderen. Uw Egyptische gids zal daarom enkel en alleen de hoogtepunten aan u tonen en duurt het bezoek anderhalf tot twee uur. Gelieve uw Egyptische gids te volgen daar men gemakkelijk verdwaalt in dit reusachtige complex.


INTRO | INGANG | ZONE WEST | CENTRAAL | ZONE OOST | ZONE ZUID | MUSEUM


Amon Overzicht   Amon WEST   Amon OOST   Amon 3-D Plan

  

            Obelisk van Thutmosis I                    Obelisk van Hatchepsut

Nadat we de Hypostélenzaal verlaten hebben via de derde pyloon zijn we aangeland in de CENTRALE HOF. De 3de pyloon (III) is beschadigd en werd gebouwd door AMONHOTEP III (1391-1353 v.C.). Uit het gevonden opvulmateriaal afkomstig uit het inwendige van de derde pyloon werden drie pronkstukken gereconstrueerd die nu te bezichtigen zijn in het OPENLUCHT MUSEUM (A). Het museum is de moeite waard om te bezoeken omdat hier de oudste en de best bewaarde tempels staan. Het openluchtmuseum is facultatief en is niet inbegrepen in het excursiepakket. Oorspronkelijk stonden er in de CENTRALE HOF 4 obelisken. Er stond een paar gewijd aan THUTMOSES I (1504-1492 v.C. 18de Dynastie) waarvan alleen het westelijk exemplaar nog aanwezig is. Zijn kleinzoon THUTMOSES III (1479-1425 v.C.) plaatste er rechtover een tweede paar gewijd aan hemzelf. Eén exemplaar dat zich bevond bij de tempel met het "Horende oor" van Ramses II (gelegen meer oostwaarts) belandde op de Hippodroom van ISTANBOEL. Hij was zo erg beschadigd dat alleen het bovenste gedeelte gebruikt kon worden. Het andere exemplaar is verdwenen.


We passeren de 4de pyloon (IV) en de 5de pyloon (V) die beiden gebouwd werden  door farao THUTMOSES I. Tussen deze twee pylonen aanschouwen we de bouw prestaties van koningin HATCHEPSUT die hier twee massieve obelisken plaatste in gepolijst roze graniet. Koningin HATCHEPSUT (1473-1458 v.C.) bouwde niet alleen een paar obelisken voor haar zelf maar zorgde er ook voor dat de versieringen en de kwaliteit van de roze granietsteen van de beste kwaliteit waren. De obelisken werden opgericht ter ere van haar 16de regeringsjaar en werden in een recordtempo in de granietmijnen van ASWAN op bestelling gemaakt en juist op tijd geleverd met behulp van een papyrusboot om haar jubileum te vieren. De top van de obelisk was beslagen met elektron (legering van goud en zilver) en was versierd met afbeeldingen van haarzelf terwijl ze gekroond werd door AMON-RA. We weten dit alles door uitvoerige beschrijvingen in haar dodentempel te DEIR-EL BAHRI en door hiëroglyfen op de obelisken zelf. Na 20 jaar gedupeerd te zijn van de troonopvolging door zijn stiefmoeder HATCHEPSUT die tegelijkertijd ook zijn tante was ontstak THUTMOSES III in een Franse kolére. Na haar dood verwijderde hij elke mogelijke verwijzing naar zijn gehate tante en liet massieve muren rond haar obelisken metselen. Hij durfde het niet aan om de obelisken te vernietigen daar obelisken heilige godsgeschenken waren. Het tweede exemplaar bevindt zich nu naast het Heilig Meer en wordt de GEVALLEN OBELISK van HATCHEPSUT genoemd. 


Beide obelisken waren 29,5 meter hoog en wogen elk 323 ton en werden in een recordtempo van zeven maanden in Aswan gemaakt. Fragmenten van de gevallen obelisk bevinden zich in musea te Boston, Londen, Liverpool en Sydney. De 6de pyloon (VI) werd gebouwd door THUTMOSES III (1479-1425 v.C.) en later gerestaureerd door SETI I. Ze zijn gedecoreerd met lijsten van stammen uit Nubië, Kush en Syrië die onderworpen werden door het leger van THUTMOSES III. De veroverde steden worden gesymboliseerd door menselijke figuren met de armen gebonden op hun rug waarboven een cartouche staat met de naam van de veroverde stad. De ruimte die gevormd wordt door de achterkant van de 6de pyloon en de ingang van het allerheiligste wordt de ZAAL DER ANNALEN (D) genoemd. Hier werd zorgvuldig alle oorlogsbuit afkomstig van de strooptochten van THUTMOSES III genoteerd. 



Twee vierkante pilaren symboliseren de reünificatie van Boven- en Beneden-Egypte. De pilaren bezitten eenvoudige afbeeldingen van een lotus (Boven-Egypte) en een papyrusplant (Beneden-Egypte) en zijn van een eenvoudige schoonheid. Rechtover bevinden er zich twee standbeelden van AMON-RA en zijn vrouwelijke tegenhanger AMAUNET. Ze hebben elk respectievelijk de gelaatstrekken van TUT-ANKH-AMON en zijn vrouw (en tevens halfzuster) ANCHESENAMOEN. We betreden nu het heiligste der heiligen en bevinden ons nu in een plaats waar slechts priesters en farao’s toegang hadden. Oorspronkelijk stond hier de rode kwartsiet barktempel van Hatchepsut die later afgebroken werd. Een gedeelte ervan bevind zich nu in het openluchtmuseum. In de plaats hiervoor staat nu het HEILIGDOM VAN PHILIP ARRHIDAEUS (323-316 v.C.) (B) . Hij was de halfbroer en opvolger van ALEXANDER III DE GROTE (332-323 v.C.).


Het binnenste van het schrijn is gemaakt uit roze graniet en bezit zeer gedetailleerde bas-reliëfs waar PHILIP ARRHIDAEUS eerst gezuiverd wordt met heilig water om nadien gekroond te worden door AMON-RA. Het plafond is versierd met blauwe sterren op een zwarte achtergrond. Rondom het schrijn worden aspecten van de processie met de heilige zonneboten getoond. Aan de linkerkant ter hoogte van het sanctuarium bevindt er zich een kleine ruimte waar er zich reliëfs van KONINGIN HATCHEPSUT (c) bevinden. Daar er enkel afbeeldingen van juwelen, schepen en aardewerk op gebeiteld staan heeft THUTMOSES III ze ongemoeid gelaten tijdens zijn ijverige campagne om alle verwijzingen naar zijn stiefmoeder te vernietigen. Enkel de afbeeldingen van zijn gehate stiefmoeder werden door hem weggehakt. Eind 1996 werden de reliëfs die oorspronkelijk Koningin Hatchepsut voorstelden, volledig gerestaureerd. Er werd een houten dak over de kapel geplaatst zodat de herstelde kleuren de eeuwigheid kunnen trotseren.


Weggehakte afbeelding van Koningin Hatchepsut


       

We passeren een open ruimte (C) waar vroeger de oudste tempels uit de 11de Dynastie zich bevonden. Men kan nu slechts de granieten funderingen zien die overblijven van de bouwkunst uit het Middenrijk. De FESTIVALTEMPEL VAN THUTMOSIS III (E) heeft een lengte van 44 meter en een breedte van 16 meter. Hij werd opgericht ter ere van THUTMOSES III die na 17 veldtochten in het buitenland uitvoerig bewierookt en verheerlijkt werd door de hogepriesters. De tempel werd AKH-MENU genoemd wat ‘schitterende plaats’ betekent. De tempel die een tentvorm heeft wordt ondersteund door 32 vierkante pilaren. Het middenschip wordt ondersteund door twee rijen met 10 zuilen die een tentstokvorm bezitten die eindigen in een omgekeerde klokzuil. Blijkbaar vond men ze later toch zo mooi niet meer en werd deze bouwvorm in Egypte nergens meer toegepast. In de feestzaal bevindt er zich de KARNAK TAFEL DER KONINGEN waar THUTMOSES III hulde brengt aan zijn 62 voorgangers, vanaf de 3de Dynastie tot de 18de Dynastie. Vanzelfsprekend komt de naam van zijn gehate tante HATCHEPSUT er niet in voor.


Via een houten brug komen we in de BOTANISCHE TUIN VAN THUTMOSES III (G) terecht. Hij was een amateur-botanist en een fervente verzamelaar van uitheemse planten die hij meebracht tijdens zijn veldtochten. De reliëfs tonen behalve plantensoorten ook kippen die volgens de hiëroglyfen ‘elke dag baarden’. Deze alledaagse dieren waren de Egyptenaren totaal onbekend. In de kapel ernaast zien we reliëfs van ALEXANDER DE GROTE (J) . In de Kapel (H) werd de koninklijke KA aanbeden en in kapel (I) werd OSIRIS in de SOKARVORM aanbeden. Hier eindigt ons bezoek aan het OOSTELIJK GEDEELTE van de AMONTEMPEL. De OOSTELIJKE TEMPEL (19) waar de tempel met het "horende oor" van Ramses II zich bevindt, is erg beschadigd. Men is nog steeds bezig met het uitvoeren van restauraties. U slaat rechts af en u wandelt verder langs de oevers van het Heilig Meer waar u in het cafetaria een rustpauze kunt nemen.


Na deze verpozing wandelen we aan de zuidzijde van de Amon tempel langs het HEILIGE MEER. Aan de noordwest hoek van het vierkante meer bevindt zich de sokkel waar de ROZE SCARABEE van AMENHOTEP III op staat. Hij symboliseert de eeuwige kringloop van de zonneschijf die sterft in het westen en herboren wordt in het oosten. Deze scarabee stond oorspronkelijk op de westoever in het grandioze paleis van AMONHOTEP III dat nu totaal verdwenen is. De scarabee werd naar hier verhuisd om het regeneratie aspect van de god Osiris te benadrukken die in de naburige tempel ( rechtover de cafetaria) van Taharka (25ste dynastie) werd aanbeden. De roze granieten scarabee tezamen met de Kolossen van Memnon zijn de laatste overblijfselen van deze nu volledig verdwenen tempel op de westelijke oever.