GODENLIJST

AMON ANUKIS ANUBIS APIS AMMIT
AKER APOPHIS ATOEM ATON BASTET
BES CHNOEM CHONS CHEPRI CANOPEN
ENNEADE GEB HATHOR HORUS HAPI
HEH ISIS IMHOTEP MONTOE MUT
MIN MAÄT NOET NEITH NEFERTEM
NECHEBET NEPHTYS OSIRIS PTAH RA
SATIS SETH SELKET SHU SESHAT
SOBEK SEKMET THOT TAWERET TEFNOET

Dit is een beknopte lijst van de goden en godinnen die vaak voorkomen in de tempels en de graven in Egypte. Van iedere god en godin wordt zijn of haar oorsprong besproken en toegelicht.

APIS                  

De heilige APIS stier was de levende incarnatie van de god PTAH. Er werd jaarlijks een stier uitgezocht die speciale kenmerken vertoonde. Hij had meestal een zwarte huidskleur en een witte tekening op zijn voorhoofd. Hij werd dagelijks verzorgd en aanbeden. Na zijn dood werd hij gebalsemd en gemummificeerd. De APIS cultus was sterk aanwezig in MEMPHIS en SAKARA. Getuige daarvan zijn de tientallen gebalsemde heilige stieren die men in het SERAPEUM heeft gevonden. Een soortgelijke cultus werd in HELIOPOLIS gepraktiseerd waar de witte MNEVIS stier werd aanbeden. Daar was hij de levende incarnatie van de zonnegod RA. Ten tijde van de Ptolemeeën werd de APIS stier vereenzelvigd met OSIRIS. De ziel van de overleden stier smolt samen met OSIRIS om OESIR-HAP te worden. De naam veranderde later in SERAPIS (oude Griekse naam). Dit was een handige zet van de priesters ten tijde van de Griekse overheersing om de Hellenistische mythologie te verzoenen met de Egyptische godenwereld. SERAPIS werd afgebeeld als een oude man met krullend haar en een lange baard. Hij droeg een modius (korenmaat) op zijn hoofd en was de god van de vruchtbaarheid en de geneeskracht. De Romeinen vereenzelvigden hem later met hun dodengod Hades (overgenomen van de Grieken) door de hellehond CERBERUS naast hem af te beelden.