![]() |
GEOGRAFIE KLIMAAT |
![]() |
![]()
DE NIJL | LANDSCHAP | KLIMAAT | ECONOMIE | BEVOLKING | POLITIEK | FAUNA

Egypte heeft een woestijnklimaat, dus droog en heet, met grote temperatuurverschillen tussen dag en nacht. In de delta zijn, onder de invloed van de zee, de uitersten minder groot. De zon kan soms erg fel schijnen, maar de geringe vochtigheidsgraad en de frisse wind uit het noorden maken de grote hitte ook voor toeristen draaglijk. De nachten zijn vaak erg koel; in de vroege ochtend en in de avond is het aangenaam fris. Vliegen maken het de mensen overdag vaak erg lastig. Het regent weinig in Egypte. Cairo heeft zes, Alexandrië dertig regendagen per jaar; in het zuiden regent het bijna nooit. In juni, juli en augustus valt in het hele land vrijwel als geen regen. Juli en augustus zijn de warmste maanden. In het noorden zijn er temperaturen tussen 35 C° tot 40 C°. In het zuiden kan de temperatuur in de maanden mei tot oktober nu en dan oplopen tot 50 C°. De maanden december, januari en februari kennen de laagste temperaturen; in het zuiden is het dan heerlijk, maar in het noorden kan soms erg koud zijn. Warme kleding wordt er wel aanbevolen. De warme en droge woestijnwind, de Chamsin, jaagt in het voorjaar echter de temperatuur snel omhoog. De mooiste tijd om Egypte te bezoeken is van november tot mei. Het noorden kan ook in de zomermaanden zonder veel warmteoverlast worden bezocht. In het voorjaar en in de herfst is het in Cairo heerlijk, in Alexandrië zacht en in Luxor en Aswan warm.
![]()


