19DE  DYNASTIE
SIPTAH

De 19de Dynastie wordt gedomineerd door de aanwezigheid van de 'Ramessiden' met als grootste farao aller tijden, Ramses II, die een record aantal tempels en schrijnen op zijn naam heeft staan alsook de verwezenlijking van een reeks succesvolle militaire campagnes in Egypte.

         



  NIEUWE RIJK

19de Dynastie

1.293 - 1.185 v.C.
   
  RAMSES I (1.293-1.291)
  SETI I  (1.291-1.278)
  RAMSES II  (1.279-1.212)
  MERENPTAH (1.212-1.202)
  AMENMESSE (1.202-1.199)
  SETI II (1.199-1.193)
  SIPTAH (1.193-1.187)
  TAWSERT (1.187-1.185)
 
      
Deze periode waarin de 19de dynastie van 'Ramessiden' regeerde, wordt samen met de regeer perioden van de 18de en de 20ste dynastie het Nieuwe Rijk genoemd. De bouwkunst, religie en cultuur waren nog steeds op hun hoogtepunt. Ik heb doelbewust de 19de Dynastie  een aparte webpagina gegeven. Klik op de namen.
 
  
  

SIPTAH 
 


 



Siptah Mery-en-Ptah = 'Zoon van Ptah, bemind door Ptah'
Akhenere setep-en-Ra =
'De schoonheid van Ra, gekozen door Ra'

  (1.192-1.187)
  

Siptah Mery-en-Ptah - Akhenere Setep-en-Ra betekent: 'Zoon van Ptah, bemind door Ptah' en zijn troonsnaam was 'De schoonheid van Ra, gekozen door Ra'. Farao Seti II had bij zijn Syrische concubine Sutailja (afkomstig uit Kanaän) een zoon verwekt.  Hij kreeg de naam Siptah. Hij leed op jeugdige leeftijd aan de gevolgen van kinderverlamming waarvan zijn horrelvoet het fysieke bewijs vormt. Na de dood van Seti II werd de minderjarige Siptah tot farao benoemd. De troonsaanvaarding wordt op papyri aangeduid op II Peret (dag 2 van het winterseizoen). Siptah moet toen ongeveer 10 á 11 jaar oud geweest zijn en stond deze jeugdige farao dus bijgevolg onder het regentschap van Koningin Tawsert die ook zijn pleegmoeder was. Hij regeerde 6 jaar. Siptah werd opgevolgd door zijn pleegmoeder Koningin Tawsert.  Ze had een affaire met haar kanselier Bay die van Syrische afkomst was. Het is best mogelijk dat ze haar man Seti II uit de weg heeft geruimd en dat het gewoon een kwestie van wachten was op de dood van de zwaar zieke jonge farao Siptah die reeds op 20 jarige leeftijd overleed.
 

     

De onafgewerkte tunnel dat leidt naar de sarcofaagruimte

Het graf van SIPTAH werd oorspronkelijk door Edward Russel Ayrton op 18 december 1905 ontdekt. Het was echter Harry Burton die in 1912 het graf volledig van puin en stenen vrij had gemaakt, nadat Ayrton er de brui aan gaf, daar hij niet voldoende grafschatten erin kon vinden. In totaal werd gedurende het bestaan van het graf, er drie begrafenissen in uitgevoerd: dat van Siptah zelf, zijn stiefmoeder koningin Tia'a en vele eeuwen later in de derde tussenperiode, een herbegrafenis van een gewone  burger dat illegaal werd uitgevoerd. Het graf werd in 1995 opnieuw voor het publiek opengesteld. De laatste corridor is  ongedecoreerd en geeft aan de bezoeker een idee hoe men door de harde rotslagen heen kapten. Of Siptah daad werkelijk na zes jaar regeren door natuurlijke oorzaken overleed of door hen werd vergiftigd, is nog steeds een onopgelost raadsel en stof ter discussie onder de egyptologen. Het graf werd in 1995 opnieuw voor het publiek opengesteld. De laatste corridor is  ongedecoreerd en geeft aan de bezoeker een idee hoe men door de harde rotslagen heen kapten. De mummie werd teruggevonden in de cache KV 35 (graf Amenhotep II) door Victor Loret in 1898 en was de horrelvoet een belangrijk bewijs dat de mummie wel degelijk  farao Siptah was.