![]() |
DYNASTIEËN LIJST |
![]() |
| 3de Dynastie |
![]()
Klik op de Dynastie Nummers
| PRE-DYNASTIEKE PERIODE | Dyn : Inleiding | 2 M tot 3150 v.C. |
| VROEG DYNASTIEKE PERIODE | Dyn : 0 - 1 - 2 | 3150 tot 2686 v.C |
| OUDE RIJK | Dyn : 3 - 4 - 5 - 6 | 2686 tot 2181 v.C. |
| EERSTE TUSSENPERIODE | Dyn : 7 - 8 - 9 - 10 | 2181 tot 2040 v.C. |
| MIDDEN RIJK | Dyn : 11 - 12 | 2040 tot 1782 v.C. |
| TWEEDE TUSSENPERIODE | Dyn : 13 - 14 - 15 - 16 - 17 | 1782 tot 1570 v.C. |
| NIEUWE RIJK | Dyn : 18 - 19 - 20 | 1570 tot 1069 v.C. |
| DERDE TUSSENPERIODE | Dyn : 21- 22- 23- 24- 25- 26 | 1069 tot 525 v.C. |
| LATE TIJD | Dyn : 27 - 28 - 29 - 30 | 525 tot 343 v.C. |
| TWEEDE PERZISCHE PERIODE | Dyn : 31 | 343 tot 332 v.C. |
| MACEDONISCHE PERIODE | Dyn : 32 | 332 tot 304 v.C. |
| PTOLEMEEËN | Dyn : 33 | 304 tot 30 v.C. |
| ROMEINSE OVERHEERSING | Dyn : Romeinse Keizers | 30 v.C. - 395 n.C. |
De 3de Dynastie: Over de eerste koning van de 3e Dynastie, Sanakhte, is weinig bekend. Zijn opvolger Djoser Netjerikhet is vooral bekend als de bouwer van de Trappenpiramide in Sakarah. De architect van Djoser, Imhotep, had een ingenieus bouwplan opgesteld. Tot die tijd werden koningen begraven in zogenaamde mastaba's, vierkante stenen monumenten.
| SANAKHTE (2.686-2.668) |
Oude Rijk 3de Dynastie (2.686 - 2.613 v.Chr.) |
| DJOSER (2.668-2.649) | |
| SEKHEMKHET (2.649-2.643) | |
| KHABA (2.643-2.637) | |
| HUNI (2.637-2.613) |
Mastaba betekent in het (modern) Arabisch 'Bankje' waar men 's avonds op zat om de zon te kunnen zien ondergaan of er gewoon op uitrustte. Door meerdere van deze mastaba's opeen te stapelen kwam de architectuur van de Trappenpiramide tot stand. De stap naar de echte piramide werd dan ook al snel gemaakt in de daaropvolgende 4de Dynastie. Na Sekhemkhet volgde een obscure periode waarvan weinig bekend is. Tegen het einde van de 3e Dynastie was Egypte een gecentraliseerde staat geworden, waarin architectuur, kunst, schrift, administratie en techniek hun klassieke vorm hadden bereikt.
Koning
Sanakhte is de eerste Egyptische koning van de
3e dynastie. Deze farao is ook
wel bekend onder de naam Nebka en Necherofes
in Manetho's geschriften.
Zijn naam betekent "de overwinnende beschermer".
Hij was waarschijnlijk een broer
van zijn meer bekende opvolger Djoser. Zijn afstamming is
onzeker, doch hij is naar alle waarschijnlijkheid aan de macht gekomen door
een huwelijk met een dochter van Khasekhemwy,
de laatste koning van de 2e dynastie. Volgens
Manetho regeerde Sanakhte
28 jaar, volgens de chronologie van het werk van
Jürgen von Beckerath regeerde hij
17 jaar (2707 - 2690 v.Chr.) Zijn
voornaamste bouwwerk wordt op De
Steen van Palermo vermeld en spreekt van
het bouwen van een tempel in jaar 13 van zijn regering
en het bouwen van een boot die nog niet werd teruggevonden. Volgens ander
bronnen zou hij geboren zijn in het huidige Abu-Rawash.
Koning
Djoser was
de tweede Egyptische farao van de 3e
dynastie die leefde in de 27e eeuw v.Chr. Djoser
is slechts een naam waarmee hij bekend werd in de 18e dynastie.
Andere namen waren: Netjeri-chet
("goddelijk lichaam"), Tosorthos en Zoser/Djoser/Djeser.
Hij was waarschijnlijk een broer van zijn
voorganger Sanakhte. Bij zijn troonsbestijging diende
hij, net als Sanakhte aan interne strubbelingen het
hoofd te bieden. Eens deze overwonnen waren,
zou zijn macht zich uitgestrekt
hebben tot Aswan, de eerste cataract
van de Nijl. Hij was in zijn tijd bekend onder zijn Horusnaam
Netjeri-chet, en al zijn monumenten zijn dan ook met deze naam
gemerkt. Pas in latere tijden wordt meer en meer naar hem verwezen met
de naam Djoser (of Zoser), wat vermoedelijk zijn geboortenaam was. Dat
deze twee namen verwijzen naar dezelfde persoon blijkt uit de koppeling
van hun beide namen op de Hongersnoodstele N°81
op het eiland Sehel bij Aswan. Tevens
stelde Djoser een man, genaamd Imhotep,
aan als Eerste Minister (ook wel
eens vizier genoemd) van Egypte om hem te helpen bij het steeds
ingewikkelder wordende bestuurssysteem en het bouwen
van zijn Trappenpiramide.Het is echter voornamelijk zijn graf, de
Trappenpiramide van Djoser en het bijhorende complex dat hem
beroemd maakte, zowel in de Oudheid als in het
heden. Het is, voor zover bekend, het eerste gebouw dat
volledig in steen was opgetrokken. De trappenpiramide is
oorspronkelijk niet als dusdanig opgezet, maar begon als Mastaba, een
klassieke Egyptische grafvorm.
In
latere stadia werd het grondvlak vergroot, tot uiteindelijk
126 bij 109 meter, en werden
steeds kleinere trappen er aan toegevoegd.
Uiteindelijk kwamen er zes trappen voor een totale hoogte
van meer dan 60 meter. Het
vermoeden bestaat dat de piramide, die steeds groter werd, zelfs over het
graf van Sanakhte, de voorganger van Djoser,
zich uitstrekt. De
architect die verantwoordelijk was voor het ontwerp van dit
bouwwerk was de genoemde vizier Imhotep, een geniaal man,
hoog gewaardeerd door de koning en de Egyptenaren, en later
vergoddelijkt. Koning
Djoser maakte ook werk van de ontginning van de rijkdommen
van de Sinaï, vooral koper (bij de
Wadi Maghara) en turkoois (bij
Serabit-el-Chadim). Volgens Manetho regeerde
hij 29 jaar,
volgens de Koningspapyrus van Turijn regeerde hij
19 jaar en Jürgen von
Beckerath kent hem een regeerperiode van
20 jaar (2690 - 2670 v. Chr.) toe.
Het zandstenen beeld (zie foto)
staat tentoongesteld in het Cairo Museum. Het aanwezige
beeld in de Serdab is een exacte plaasteren kopie
om de toeristen te kunnen plezieren die waar voor hun geld eisen.
Koning
Sekhemkhet Zijn naam betekent "machtig van
lichaam". De koning is ook bekend in de
geschriften van Manetho onder andere namen: Tyreis of
Djoserti. De juiste afstamming van Sekhemkhet
is niet duidelijk. Algemeen wordt aangenomen dat hij een zoon of een
kleinzoon was van zijn voorganger Djoser. Tot
1951 was hij een van die zeer
obscure koningen van het oude Egypte. Toen werd zuidwestelijk van
Djosers grafcomplex onder het zand een begin van een
trappenpiramide ontdekt, waarvan de constructie zeer geleek op die
van Djoser. Het ziet er naar uit dat dit het onvoltooide
grafmonument van Sekhemkhet
is, onvoltooid omdat de koning stierf kort nadat de bouw begon. Het bewijs
dat hij wel degelijk de bouwheer was werd geleverd
toen vijf kruikstoppen van klei werden gevonden met
zegelafdrukken met daarop zijn naam. In het ondergrondse
grafgedeelte van de onvoltooide piramide werd een
rechthoekige sarcofaag van albast gevonden, die nog
verzegeld was met gips. Bij het openen bleek hij vreemd genoeg leeg. Volgens
Manetho regeerde hij
7 jaar. Jürgen von
Beckerath kent hem ongeveer even lange
regeerperiode toe (2670-2663 v. Chr.).
Na zijn dood kwam er een cultus voor het eren van de dode farao
dit was echter normaal bij alle farao's maar zijn cultus bleef
echter lang voortbestaan.
Een
vreemde plotwending: In 1951
werd dit onderzoek naar deze
nieuwe Trappenpiramide vooral uitgevoerd door
egyptoloog Zakaria Ghoneim, die het complex
ontdekte. Ghoneim werd echter zwaar
beschuldigd van diefstal en smokkel
van antieke voorwerpen. In
1957 nam de Franse egyptoloog
Jean-Phillipe Lauer het van hem over.
Zakaria Ghoneim pleegde twee jaren later
zelfmoord door
zich te verdrinken in de Nijl. Pas in
1963 konden de opgravingen weer
verder gaan. Uiteindelijk werd
Zakaria's schuld aan smokkelen nooit echt bewezen.
Koning
Khaba is ook bekend als Chaba
of Mesochris. De Turijnse Papyrus verhaalt dat
koning Khaba 6
jaar heeft
geregeerd. Vroeger werd gedacht dat Hor-Neferkare
en Khaba twee
dezelfde heersers waren onder verschillende namen. In
1985 kwam daar echter
verandering in door een vondst van een cilinder
met inscripties van zijn naam erop in de oude stad
Syene op het Elephantine
eiland. Waarschijnlijk heeft de koning een piramide gebouwd,
namelijk de zuidelijke piramide van Zwaiyet el-Aryan.
Deze
piramide is echter nooit voltooid
geweest.

Koning
Huni is bekend in de geschriften
van Manetho als Aches en Nesoe Hu.
Hij is meerdere malen genoemd in de
verschillende koninglijsten in de Tabel van Sakarah en in
de papyrussen van
Kagemni en Ptahhotep. Er wordt aangenomen
dat hij de bouwer was van verschillende anonieme trappiramiden in Edfu,
Abu Rawash, Sinki, Naqada, Zawajet el-Matijtin, el-Koehla en Elephantine. In
Elephantine staan verschillende forten die volgens vondsten de naam
'Huni'
bevatten, om hiermee de zuidelijke grens van Egypte veilig te stellen bij de
Eerste cataract. Huni
was waarschijnlijk de vader van Hetepheres I,
koningin van de volgende koning, Snefru
en zijn echtgenote was Meresankh I Verder bewijs is dat
zijn naam wordt genoemd aan het hof van Djoser als
een hoge officier. Volgens de
Turijnse koningslijst had hij
18 jaar geregeerd. Zijn begraafplaats was een
piramide in Meidoem volgens de beschrijvingen van zijn zoon en
tevens opvolger Snefru.
Hij is de afsluiter van de 3de Dynastie.
De 4de Dynastie zou gekenmerkt worden door de bouw van één
van de zeven wereldwonderen die heden nog bestaan. Namelijk de piramiden van
het Gizeh plateau.
![]()



