DENDERA TEMPEL

HATHOR TEMPEL

Een bezoek aan de 'TEMPEL van DENDERA' is NOOIT standaard inbegrepen in het excursiepakket. Dit kan enkel en alleen via een lokaal reisbureau worden geboekt daar de busreis daarheen, steeds in konvooi en onder militaire begeleiding wordt uitgevoerd. Het bezoek duurt 1 uur. De heenreis duurt 1.5 uur plus de wachttijd van het konvooi.


INTRO | PLAN | 3-D PLAN | HATHORTEMPEL | ELECTRICITEIT


Na de busrit zal uw Egyptische gids aan het loket de kaartjes voor u kopen. Het tempelcomplex bezit volledig rondom rond een tichelstenen muur dat intact is gebleven. Rechts van de monumentale ingangs- poort bevindt er zich een fontein in een zeer on-Egyptische bouw- stijl. Dit is het Nymphaeum waar de gelovigen zich konden reinigen alvorens de tempel te betreden. Standaard bezit een Grieks Romeinse tempel steeds een Pyloon gevolgd door een Open Voorhof. In de tempel van Dendera werd voor één zeldzame keer hiervan afgeweken. De Romeinse Mammisi, de Mammisi gebouwd door Nectanebo (30ste dynastie), het sanatorium en de Koptische Kerk zijn niet echt de moeite waard om deze te bezoeken in zeer vervallen staat bevinden. Ik zal dan ook hier op deze webpagina er zeer weinig aandacht aan besteden. Concentreer daarom uw bezoek op de Hathor Tempel zelf daar de bezoektijd heel beperkt is.


We wandelen direct naar de tempel zelf waar we de kenmerkende Hathorzuilen kunnen bewonderen. Deze karakteristieke zuilen bezitten bovenaan 4 Hathor gezichten die uitkijken op de 4 windrichtingen. Men kan nog de vage blauwe kleuren bemerken op de Nemes hoofddoeken. Ook binnenin de tempel zal men nog vaak dit Hathor hoofd tegenkomen. Deze bestaat altijd uit een sistrum (muziek instrument) dat rust op het hoofd van de godin in de vorm van een tempelfaçade. Aan de buitenkant bevinden zich de veren en fungeert de middelste gleuf als een klankkast. Een ander specifiek kenmerk van Grieks Romeinse tempels is het feit dat de PRONAOS altijd wordt afgeschermd door een lage versierde muur in de vorm van een gordijn. Dit had als doel de tempelrituelen af te schermen voor de blikken van het gewone volk. Het zonlicht kon via de uitsparingen binnen schijnen en het interieur van de tempel verlichtten. Op de bovenkant van de schermmuur bevinden er zich talrijke Wadjet slangen met een zonneschijf op hun hoofd. Aan weerszijden van de schermmuren bevinden er zich houten palen (maar in steen) die symbool staan voor de eenvoudige hut die eeuwen geleden hier stond waar het godenbeeld in werd geplaatst. Rondom deze houten palen kronkelt er zich aan beide kanten telkens een slang. Dit embleem werd veel later door de moderne geneeskunde overgenomen. Denk maar aan het internationaal embleem dat ambulances, dokters en apothekers overal ter wereld gebruiken met name de dubbele slang die zich om een kromstaf kronkelt.


  

Alle 4 de schermmuren bezitten telkens bovenaan een gevleugelde zonneschijf die direct refereert naar Horus van Behedet. De Romeins keizers Claudius, Nero en Tiberius brengen telkens offergaven aan Hathor die de borst geeft aan haar zoon Ihy. De Romeinse keizers worden telkens als een farao afgebeeldt met de karakteristieke Atef Kroon, de shendyt (Koninklijke kilt) en de Uraeus. Op sommige scènes zoals hiernaast werd de Keizer nogmaals afgebeeld maar dan als jongeling met een duim in de mond. Op deze manier offerde hij aan zichzelf. Op het onderste register ziet men telkens een woud van lotussen en papyrussen die symbool staan voor de emblemen van Boven en Beneden Egypte. Aan weerszijden bemerkt men de Sema Tawy rituelen (de re-unificatie van Boven en Beneden Egypte) en de symbolen voor voorspoed, stabiliteit en eeuwig leven (Was, Djed en Ankh). Centraal zien we op het bovenste register de gevleugelde zonneschijf. Deze wordt de "Horus van Behedet" genoemd en kent zijn oorsprong in de legende die ontstond in de tempel van Edfu. Erboven zien we een rij met cobra slangen met telkens een zonneschijf op hun hoofd. Dit is de godin Wadjet, de beschermgodin van Beneden Egypte.


We betreden de PRONAOS waar er zich 24 identieke Hathor zuilen bevinden. Helaas hebben de Kopten hier lelijk huisgehouden en zijn bijna alle reliëfs door hen volledig verminkt. Opmerkelijk zijn de afbeeldingen (2) op de zoldering van de 12 tekens van de dierenriem die gelukkig intact zijn gebleven. Hier en daar zie je de zwarte roetlaag die veroorzaakt werd door eeuwenlange bewoning van de Kopten die hier vuren gebruikten om zich 's nachts te verwarmen en om eten te kunnen koken. Aan de andere kant van de hypostèlenzaal bevindt er zich een zeer opmerkelijke afbeelding van de godin Noet die 's avonds de zon verzwelgt om ze 's morgens opnieuw te kunnen baren. Waar de zon terug tevoorschijn komt, ziet men hoe de stralen een Hathor Masker verlicht (3). De sterrenbeelden die de Zodiac of de dierenriemtekens voorstellen zijn één van de vroegste manifestaties van de moderne astrologie die in Egypte werden gebruikt. De Perzen hebben later de dierenriemtekens overgenomen en kennen we deze in de pseudo-wetenschappelijke astrologie onder hun hedendaagse gebruikte benamingen. Ook de 5 planeten waren reeds gekend door de oude Egyptenaren en werden in de hiëroglyfen aangeduid.


Allegorische afbeelding van de godin Noet


Volgens inscripties werd de tweede hypostèlenzaal gebouwd in het 21ste regeringsjaar van Keizer Tiberius (35 AD) en bekostigd door de gelovigen zelf. Hier staan er wederom 6 Hathor Zuilen. Op de muren bemerken we de rituelen van de oprichting van de tempel (4) en (5). De farao (Keizer Tiberius) noteert de afmetingen van de tempel, slaat de funderingen in de grond, giet mortel uit en plaatst de eerste steen. Rondom deze tweede hypostèlenzaal bevinden er zich 6 kamers. In het laboratorium werden de zalven en reukwaren bereid. De recepten staan net zoals in de tempel van Edfu op de muur geschreven. In de andere kamers werden de natte en droge offers bewaard evenals de godenbeelden van de inwonende goden. Via kamer F kunt u via een spiraaltrap het dak bereiken waar de Osiris Kamers zich bevinden. In deze kamers worden alle aspecten van het Osiris verhaal in details afgebeeld. Door de langdurige bewoning van de Kopten hebben ze allen een bruin zwarte kleur gekregen door het gebruik van vuren en toortsen.